Werkwijze bij meningsverschillen

De LCvV is een commissie als genoemd in artikel 14 van de Wmcz. Meningsverschillen op grond van de Wmcz kunnen aan de LCvV worden voorgelegd voor bemiddeling of voor het doen van een uitspraak. Een verzoek tot bemiddeling of een uitspraak kan schriftelijk of digitaal ingediend worden. Een cliëntenraad of het bestuur/de directie van de zorginstelling kan dit doen. Ook komt het voor dat men gezamenlijk deze actie onderneemt. Het verzoek dient een omschrijving van het meningsverschil te bevatten en u dient alle informatie die op het geschil betrekking heeft toe te voegen. Denk aan notulen, correspondentie, de adviesaanvraag en het advies. Als er informatie gemist wordt zal de secretaris van de commissie u dat laten weten.

Vervolgens beslist de voorzitter van de LCvV of de zaak in behandeling genomen kan worden. 


De LCvV gaat zorgvuldig maar voortvarend te werk. 


Voorbeeld van een geschil

Keuken

Een instelling voor geestelijke gezondheidszorg besluit de warme maaltijden op alle verblijfslocaties voortaan te laten bezorgen door een cateringbedrijf. De centrale cliëntenraad stemt hier niet mee in omdat hij vindt dat er onderscheid moet zijn tussen locaties waar cliënten zelf helpen koken en locaties waar dit niet gebeurt. De LCvV beoordeelt (op grond van de Wmcz 2018) in zo’n geval of het redelijk is dat de cliëntenraad hier niet mee instemt of dat er voor de instelling zwaarwegende redenen zijn om het besluit toch (ongewijzigd) door te zetten.

Bemiddeling

Bij bemiddeling benoemt de voorzitter één van de LCvV-leden tot bemiddelaar. De bemiddelaar houdt een gesprek met de cliëntenraad en het bestuur/de directie. Er wordt gestreefd naar overeenstemming en/of een werkbare oplossing om uit de impasse te geraken. Soms is daarvoor nog een vervolggesprek onder leiding van de bemiddelaar nodig. De bemiddelaar kan ook adviseren een mediator in te schakelen of het geschil voor een uitspraak aan de LCvV voor te leggen. Een verzoek tot bemiddeling is doorgaans binnen een maand afgerond. 


Uitspraak 

Na ontvangst van een verzoek om een uitspraak wordt eerst de andere partij in de gelegenheid gesteld om schriftelijk te reageren. Vervolgens organiseren wij een hoorzitting. Dat is een bijeenkomst waar een afvaardiging van de cliëntenraad en een afvaardiging van het bestuur / de directie een toelichting op hun standpunten aan de LCvV kunnen geven. De voorzitter van de LCvV of diens plaatsvervanger leidt de hoorzitting en is vergezeld van twee commissieleden. Doel van de hoorzitting is een zo goed mogelijk beeld te krijgen van het meningsverschil, zodat wij op basis daarvan een uitspraak kunnen doen. Deze uitspraak ontvangen de cliëntenraad en de zorginstelling enkele weken na de hoorzitting. Doorgaans doen wij een uitspraak binnen drie maanden na ontvangst van een verzoek. In sommige gevallen blijkt tijdens de hoorzitting dat partijen er toch nog samen uit kunnen komen. De zitting krijgt dan het karakter van een bemiddeling en het verzoek kan vervolgens worden ingetrokken of aangehouden.

Voorlopige voorziening

Wanneer er sprake is van een spoedeisend belang en de hiervoor omschreven procedure voor een uitspraak kan niet worden afgewacht, is er de mogelijkheid om een zaak in spoedprocedure te laten behandelen. Er wordt dan binnen 10 werkdagen na ontvangst van het verzoekschrift een zitting gehouden waarna de voorzitter van de commissie de zaak  beoordeelt en versneld een uitspraak doet. Zo'n uitspraak is gericht op het treffen van een voorziening en zal soms van tijdelijke aard zijn. De voorzitter van de LCvV beoordeelt of een zaak zich voor dit type behandeling leent.

Locatie


Bemiddelingen en hoorzittingen proberen wij altijd op een locatie van de zorginstelling te laten plaatsvinden. Mocht dit niet lukken dan wordt een vergaderlocatie centraal in het land gekozen. In voorkomende gevallen kan een zitting ook digitaal via een beeldverbinding worden gehouden.

Kosten 

Voor leden van de instandhoudende brancheorganisaties

Voor een procedure leidend tot een uitspraak brengt de LCvV een eigen bijdrage  in rekening. In 2020 bedraagt de bijdrage voor een zittingsprocedure € 639,-. Voor bemiddelingsgesprekken is de eigen bijdrage € 500,- per gesprek. Deze kosten worden bij de zorginstelling in rekening gebracht. De LCvV brengt nooit kosten in rekening bij een cliëntenraad. 
Dit bedrag kan zo laag zijn doordat de organisaties die de LCvV in stand houden het grootste deel van de kosten voor hun rekening nemen.

Voor overige zorgorganisaties

Speelt het geschil zich af bij een organisatie die geen lid is van de instandhoudende brancheorganisaties, dan betaalt de zorginstelling de kostprijs voor een procedure of bemiddeling. Informatie over deze tarieven kunt u opvragen bij de secretaris van de commissie.

Privacy

Zittingen van de LCvV zijn in beginsel openbaar maar we willen wel graag dat tijdig vooraf aangemeld wordt wie er zullen verschijnen zodat iedereen daarvan op de hoogte is en hier bij de locatiekeuze rekening mee gehouden kan worden. Uitspraken worden in geanonimiseerde vorm gepubliceerd. De LCvV hanteert een privacyreglement.

Meer informatie 

Onder de veelgestelde vragen vindt u meer informatie. 
De werkwijze van de LCvV is gedetailleerd beschreven in het reglement (link). Vindt u hier niet de informatie die u zoekt? Neem dan contact op met het secretariaat van de LCvV.